Pastoraal Team

Beleidstuk van de Bisdomraad van het aartsbisdom Utrecht, 6 maart 2003.

Voor de ontwikkeling van een doelgericht en wervend pastoraat dienen parochies, priesters, diakens, pastoraal werksters en werkers en gelovigen elkaar te vinden en een vitaal, dat wil zeggen op het concrete leven gericht, aanbod te ontwikkelen . Samenhangend met de samenwerking van parochies is ook de samenwerking van pastorale beroepskrachten een vereiste.

Inleiding

Voor de ontwikkeling van een doelgericht en wervend pastoraat dienen parochies, priesters, diakens, pastoraal werksters en werkers en gelovigen elkaar te vinden en een vitaal, dat wil zeggen op het concrete leven gericht, aanbod te ontwikkelen . Samenhangend met de samenwerking van parochies is ook de samenwerking van pastorale beroepskrachten een vereiste. Zij beginnen steeds meer aan hun vermoeidheid te voelen, dat je niet meer op je eentje 'pastor voor alles' kunt zijn. We werken nu aan profilering in het parochiepastoraat, maar deze profilering is alleen mogelijk, wanneer pastorale beroepskrachten in grotere teamverbanden kunnen samenwerken . Door deze samenwerking zal het niet mogelijk blijven om als eenling in het parochiepastoraat te blijven werken. Veel priesters en ook pastoraal werk(st)ers hebben daar moeite mee. Ondanks de last om 'pastor voor alles' te zijn, geven ze er de voorkeur aan, omdat zij het zo gewend zijn. We moeten daar alle begrip voor hebben en niemand forceren. Toch willen wij deze collega's het ideaal van samenwerken voorhouden. In het evangelie kunnen we lezen, dat Jezus de apostelen met name noemt, maar Hij maakt er onmiddellijk een club van twaalf van: een team waarin het overigens niet altijd boterde (Mc. 3, 13-16). Als Jezus later andere leerlingen uitzendt "zond (Hij) hen twee aan twee voor zich uit naar alle steden en plaatsen waar Hij zelf nog komen zou" (Lucas 10,1). In de Handelingen zien we talloze vormen van samenwerking tussen de apostelen en hun medewerkers. Het is ook de werkwijze van Jezus zelf: Hij begint met volgelingen, medewerkers aan te trekken. We zien Jezus niet als een solist, Hij is altijd omringd door anderen. In Lucas 6, 12 - 19 zien we een mooi beeld van Jezus optreden: Hij is eerst alleen met God op de berg, vervolgens kiest Hij de twaalf als zijn medewerkers en daarna is Hij met de twaalf in een grote volksmenigte, waar hij genezend optreedt. Velen hebben huiver voor samenwerken in teamverband, omdat ze vrezen dat teamgesprekken ontaarden in het uitvechten van competentiekwesties en in geschillen over fundamentele geloofszaken. Door zorgvuldige keuze bij de samenstelling van teams en door goede begeleiding kan dit voorkomen worden. Er zijn altijd verschillen, maar deze hoeven niet te leiden tot geschillen, maar kunnen leiden tot een rijker pastoraal beleid en praxis. Het is goed het teamgesprek te beginnen met gebed en Schriftlezing en deze lezing te betrekken op onze eigen situatie. Dit kan ons helpen om te bedenken dat wij in Jezus' naam als zusters en broeders samen zijn, het kan ons helpen bij de vraag wat de Heer van ons vraagt en het kan ons helpen om Christus beter te leren kennen. In deze bijlage staat het pastoraal team centraal. De pastorale beroepskrachten krijgen direct te maken met de gevolgen van de diocesane keuze voor teamvorming en profileren. Van hen wordt nu gevraagd om in gezamenlijkheid verantwoordelijkheid voor het pastoraat te gaan dragen en zich op een bepaald deelterrein van het pastoraat te specialiseren. In deze bijlage wordt dit model van een pastoraal team, waarin tenminste vier fulltime pastorale beroepskrachten in een parochieverband met elkaar samenwerken, nader uitgewerkt.

Functies en Taken

Een pastoraal team heeft tot taak pastoraal leiding te geven aan de geloofsgemeenschappen, die deel uitmaken van het parochieverband, en leiding te geven aan de uitvoering van het pastorale werk, aan het uitzetten van een pastoraal inhoudelijke koers, en er op toe te zien dat de gemeenschappen inhoudelijk op koers blijven. Dit leidinggeven dient vooral te worden verstaan als een participatief leiderschap aangezien ook veel (toegeruste) vrijwilligers er actief aan bijdragen.

Een pastoraal team rust op drie steunpunten: interparochiële samenwerking in een breed parochieverband, collegialiteit en een gedeeld geloof. Bij dit laatste denken we aan het ontwikkelen van een collegiale spiritualiteit, die voortdurend wordt gevoed en levend wordt gehouden. Dat vraagt om gezamenlijke studie van Schrift en Traditie, om gevoeligheid voor geloven en kerk-zijn.

In opdracht van de bisschop zal het team gezamenlijk de verantwoordelijkheid voor het geheel van het pastoraat gaan dragen en daarbinnen zal een van de teamleden eerstverantwoordelijke worden voor een van de pastorale werkvelden. Daartoe zal het team als geheel een nieuwe benoeming ontvangen voor het gehele parochieverband. Deze benoeming zal plaatsvinden wanneer de besturen hun samenwerking ook schriftelijk hebben vastgelegd. Bij de uitvoering van deze opdracht zal het team kunnen rekenen op de ondersteuning van dekenaat en bisdom.

Om als pastoraal team te kunnen werken is een intensief contact nodig met de bestuurlijke leiding van het parochieverband. Om samen te kunnen optrekken en elkaar te kunnen ondersteunen, elk vanuit de eigen positie en verantwoordelijkheid, is een vertrouwensbasis nodig. Om deze te kunnen ontwikkelen dienen wederzijdse verwachtingen op elkaar te worden afgestemd, is een gedeelde visie nodig op waar het in het de parochieverband eigenlijk om gaat, en een gedeelde inschatting van de situatie en de waardering daarvan. Want wat de een hoopvol stemt, daarover kan de ander zich zorgen maken. Wanneer de bestuurlijke en pastorale leiding elkaar weten te vinden, komt er veel energie en onderlinge steun vrij.

De pastorale leiding van het parochieverband heeft meerdere taken te vervullen:

Taken in de sfeer van algemeen bestuur en beleid
  • Taken ten aanzien van de inhoudelijke ontwikkeling van pastorale kerntaken en de uitvoering van de dagelijkse pastorale zorg
  • Taken ten aanzien van de pastorale eindverantwoordelijkheid voor het geheel.
  • Deze pastorale leiding heeft dus betrekking op:

    • de inhoud: het voortdurend oriënteren van de geloofsgemeenschap op het perspectief van het Rijk Gods, dat liefde, vrede en gerechtigheid is;
    • de verantwoordelijkheid: vooral het stimuleren van de inzet van vrijwilligers en aan hen begeleiding geven;
    • de samenwerking: onderling samenwerken, samenwerken met dekenaat en bisdom en het beleid daarop afstemmen;
    • de vormgeving: op het hanteren van een coöperatieve stijl van leidinggeven waarin taken en verantwoordelijkheden én samen gedragen én gedeeld worden.

    Deze driedeling in taken biedt mogelijkheden om verschillende leiderschapstaken te verdelen over de verschillende leden van het team. Concreet gaat het dan om:

    • leiding geven aan het team en zorg dragen voor het welzijn van de leden van het team;
    • overleg met de verschillende bestuursorganen van de bestaande parochies in het parochieverband;
    • leiding geven aan de inhoudelijke ontwikkeling van de pastorale activiteiten;
    • overleg met bovenparochiële structuren als dekenaat en bisdom;
    • overleg met andere kerkgenootschappen en de gemeentelijke overheid;
    • verantwoording afleggen van de pastorale activiteiten van het team aan de bisschop;
    • vervullen van de pastoorstaken, die door het kerkelijk wetboek als zodanig zijn vastgelegd.

    Het team als geheel is verantwoordelijk voor de uitvoering van deze taken. Er is immers sprake van een collegiaal verband waarin de leden gezamenlijk verantwoordelijkheid dragen voor het geheel van het pastoraat. Dit betekent met elkaar werken aan de evangelische kwaliteit en diversiteit van het pastorale beleid, de pastorale zorg, de pastorale leiding en de pastorale organisatie. Binnen dit geheel is er een eerstverantwoordelijke voor vier deelterreinen: voor gemeenschapsopbouw en presentie, voor liturgie, voor diaconie en voor catechese. De andere teamleden werken op het betreffende terrein onder de eerstverantwoordelijke. De pastoor heeft als eindverantwoordelijke de verantwoordelijkheid voor het geheel van het pastoraat. Als zodanig is hij ook voorzitter van het bestuur van de parochie. Van een solistisch leiderschap komen we tot een collegiaal leiderschap. Dit vereist dat de verschillende verantwoordelijkheden goed op elkaar worden afgestemd. In geval dat de pastoor niet de teamleider is, moet de onderlinge verhouding tussen pastoor en teamleider goed geregeld worden.

    Vooronderstellingen

    Deze keuze voor een pastoraal team is ingegeven door een aantal vooronderstellingen. Enkele daarvan willen we kort beschrijven:

    De Pastoor

    De pastoor deelt allereerst in de taken van het team. Vervolgens krijgt hij de eindverantwoordelijkheid voor het geheel toebedeeld, die hem krachtens canoniek recht toekomt. Daartoe behoren de volgende taken:

    De pastoor vertegenwoordigt de parochie in en buiten rechte en houdt als zodanig contact met het dekenaat en de bisschop. Aan de laatste legt hij - in afstemming met het team - verantwoording af over de pastorale leiding en zorg in het werkgebied van het team.

    De Eerstverantwoordelijke op een deelterrein

    Elk lid van het pastorale team is eerstverantwoordelijke op een van de deelterreinen van het pastoraat: liturgie, catechese, diaconie en gemeenschapsopbouw. Dit betekent dat hij / zij op dit terrein leiding geeft aan de werkzaamheden van zijn / haar collega's. Tegelijkertijd werkt hij / zij ook op de andere deelterreinen van het pastoraat, maar dan onder leiding van een van zijn / haar collega's. Wanneer een pastoraal team uit meer dan vier personen bestaat, wordt in de concrete benoeming vastgelegd wie op de verschillende deelterreinen eerstverantwoordelijke zal zijn. Voor een uitgebreide beschrijving van deze verantwoordelijkheden verwijzen wij naar de bijlage over De vier profielen.

    De Teamleider

    Het teamlid dat deze functie vervult, is de eerstverantwoordelijke voor het functioneren van het pastoraal team en de dagelijkse leiding daarvan. Daartoe behoren de volgende taken:

    Samenstelling van het team

    Om te beginnen zal aan de samenstelling van het pastoraal team veel zorg moeten worden besteed. In meerdere opzichten gaat het in het team om het samenwerken van een gemengde groep: het team bestaat uit mannen en vrouwen, professionals met veel en minder ervaring, uit personen die een wijding hebben ontvangen en mensen die 'leek' zijn in de kerkjuridische zin van het woord, universitair en hbo-geschoolden, met allerlei kwaliteiten als het gaat om het vermogen om leiding te geven en te ontvangen, creatief te zijn, ordelijk of chaotisch, charismatisch of autoritair; gehuwd, alleen gaand, celibatair, communautair levend, jong en ouder, en bovendien nog met een diversiteit aan maatschappelijke en sociale achtergronden en levensgeschiedenissen. Meerdere keren is de vraag aan de orde geweest of ook onbezoldigde diakens en toegeruste vrijwillig(st)ers deel kunnen uitmaken van het team. Wij geven er de voorkeur aan het pastorale kernteam alleen te laten bestaan uit de benoemde pastorale beroepskrachten, die wekelijks bijeenkomen. In een aantal parochieverbanden vervullen ook onbezoldigde diakens en toegeruste vrijwillig(st)ers taken ten dienste van het gehele verband. Wanneer dit het geval is stellen wij voor een groot pastoraal team te vormen dat maandelijks bijeenkomt. In dat geval dient de taakverdeling tussen beide teams verder uitgewerkt te worden. Voor een korte beschrijving van beide teams verwijzen wij naar de bijlage over Het parochieverband. Bij deze keuze laten wij ons in belangrijke mate leiden door het verschil in verantwoordelijkheid en verschillen in beschikbare tijd en opleidingsniveau. Pastorale beroepskrachten dragen verantwoordelijkheid voor het geheel van het pastoraat, toegeruste vrijwillig(st)ers slechts voor een van de deelterreinen. Onbezoldigde diakens en toegeruste vrijwillig(st)ers hebben een beperkte tijd beschikbaar. In deze keuze worden wij bevestigd door de praktijkervaringen van de laatste jaren.

    Begeleiding van het team

    Om te voorkomen dat in zo'n proces van groeiende samenwerking onnodig energie wordt verspild, is er een 'regisseur' nodig. Iemand die 'van buitenaf' aanwijzingen geeft, vragen stelt, alternatieven voorstelt, confronteert, uitdaagt, het 'spel' op gang houdt, en bijdraagt aan de kwaliteit van het team, zodat het team zijn doelstellingen kan realiseren. Deze begeleider kan worden beschouwd als iemand die met een eigen deskundigheid het proces gaande houdt en de kwaliteit ervan helpt verbeteren. Omdat de ontwikkeling van pastorale teams in relatie tot de nieuwe parochieverbanden een intensievere begeleiding vraagt dan doorgaans gebruikelijk is, zal vanaf de start van het proces een begeleider worden toegewezen. Er wordt niet gewacht tot er vanuit het pastorale team een beroep op begeleiding wordt gedaan. Deze begeleiding betekent niet dat de begeleider het werk van de teamleden overneemt. De begeleider zal hen vooral leren hoe zij zelf hun problemen kunnen oplossen. Het mobiliseren van de eigen krachten en mogelijkheden zal een vitaal onderdeel van elke begeleiding zijn. De begeleider is niet de deskundige die oplossingen aandraagt. De begeleider zal vooral oog hebben voor de wijze waarop betrokkenen te werk gaan, voor de kwaliteit van hun onderlinge communicatie en samenwerking en voor de methodische aanpak. Bovendien brengt de begeleider de nodige ervaringen van elders in.

    Het begeleidingsproces

    Een (zorgvuldig samengesteld) team dat met elkaar aan het werk gaat, draagt niet alleen zorg voor een goede organisatie van zijn werk maar ook voor de eigen ontwikkeling van het team. Wat het werk betreft staat het team voor de opgave zorg te besteden aan:

    Voor wat de onderlinge relaties betreft staat het team voor de opgave aandacht te besteden aan de eigen persoonlijke groei en ontwikkeling, de functie en positie van elk teamlid afzonderlijk en de functie en positie van het team in het geheel van de pastorale organisatie ter plekke. En zoals elke groep die voor een eerste keer bijeenkomt, krijgt ook een pastoraal team te maken met een oriëntatiefase waarin de verschillende teamleden hun eigen plek zoeken, een fase waarin de onderlinge relaties centraal komen te staan, en een fase waarin er gaande de weg sprake zal zijn van een wederzijdse acceptatie. Naast het werk waarvoor het team komt te staan, vraagt dit groeiproces veel tijd en energie.

    De Start van het Pastoraal Team

    In de huidige praktijk ontstaat een pastoraal team uit de keuze van parochiebesturen om met een aantal bestaande parochies samen te gaan in een groter verband, zodanig dat daarbinnen missionair pastoraat concreet vorm kan krijgen en een team van tenminste vier fulltime beroepskrachten kan worden gevormd. Vanaf het moment dat een parochieverband is gevormd wordt verondersteld dat de pastorale beroepskrachten binnen dat verband een pastoraal team gaan vormen. Dat is echter niet vanzelfsprekend. Daarom zal het dekenaat na de vorming van een parochieverband als een eerste stap in het proces van teamvorming een gesprek organiseren tussen de betreffende beroepskrachten en het hoofd personeelsdienst. In dat gesprek zal worden nagegaan of en in hoeverre deze beroepskrachten bereid en in staat zijn een team te vormen dat gezamenlijk de verantwoordelijkheid voor het pastoraat wil dragen en wil komen tot een geprofileerde taakverdeling. Dit betekent dat elk proces van teamvorming start met de pastorale beroepskrachten die reeds binnen het parochieverband zijn benoemd. Een eerste gesprek maakt voor ieder van hen de weg vrij om voor zichzelf en gezamenlijk na te gaan of en in hoeverre een proces van teamvorming een succesvolle operatie kan worden. Elke beroepskracht moet de ruimte hebben om als gevolg van de nieuw ontstane situatie te kiezen voor een andere werkplek. Daarbij dient hij / zij zich wel te realiseren dat hij / zij in elke werksituatie komt te werken in een team en te maken krijgt met een geprofileerde taakverdeling. Binnen het parochiepastoraat bestaat er wat dit betreft geen keuzevrijheid meer. Daarom zijn de samenstelling van een team en het profiel bepalende factoren voor de arbeidsvreugde. Daarnaast worden de bereidheid om in een team te werken en de bereidheid om de voor een profiel vereiste deskundigheid te verwerven, belangrijke aanstellingscriteria.